Driebenenrace
Jouw rechterbeen aan zijn linkerbeen. Nu nog leren lopen.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Twee kinderen draaien een lang touw, de rest springt erin — en de kunst is het instappen.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Schoolplein · 24 × 16 m · 8 onderdelen
Twee kinderen draaien een lang touw en de rest staat in een rij. Je stapt in terwijl het touw draait, springt een afgesproken aantal keer op het rijmpje en stapt er aan de andere kant weer uit, zodat de volgende meteen door kan. Het springen zelf is niet het moeilijke — het instappen is het moeilijke, want je moet meebewegen met het ritme voordat je erin stapt. Wie het touw raakt, gaat draaien.
Met meer dan zes kinderen per touw sta je te wachten. Gebruik twee of drie touwen. Laat de draaiers wisselen na elke ronde, ook zonder fout: draaien is zwaarder dan het lijkt en niemand wil er het hele kwartier staan.
Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.
De draaiers laten het touw niet ronddraaien maar heen en weer over de grond golven. Daar spring je overheen zonder timing. Voor groep 1-3 is dat de opstap.
Twee springers tegelijk in het touw, hand in hand of achter elkaar. Ze moeten op dezelfde slag springen, en dat lukt alleen als ze samen tellen.
Niemand blijft in het touw: je springt één keer en loopt door. De rij blijft in beweging, iedereen komt drie keer per minuut aan de beurt en er staat niemand stil.
Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 3 · groep 6-8.
Duwen of trekken aan een tegenstander om deze uit balans te brengen terwijl deze probeert deze balansverstoring te voorkomen
Vrij springen
Afzetten om lang in de lucht te zweven
Steunspringen
Afzetten om lang te zweven voor en/of na de handenplaatsing op een steunvlak
Mikken
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen
Wegspelen
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen
Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.
Houd minstens twee meter vrij rond de draaiers — een zwiepend touw op ooghoogte doet pijn. Draai niet met een touw met knopen of harde handvatten erin.
Deze beweegactiviteit versterkt onderling vertrouwen, communicatie en samenwerking. Bekijk de didactische leerkrachttips, klassengesprekken en Tuckman-fasen op GoudenWeken.app.
Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen
Niet ingelogd?
Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.
Reviews laden…
Jouw rechterbeen aan zijn linkerbeen. Nu nog leren lopen.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Twee kinderen spannen een elastiek om hun enkels, de rest springt er een vast patroon in. Elke ronde gaat het elastiek hoger.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Een kuiltje of een krijtcirkel, en om de beurt mikken. Het spel dat elk voorjaar vanzelf terugkomt.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel