Direct naar de inhoud
Buitenspel

Beertje Beertje

Springen in het grote touw terwijl de klas het rijmpje zingt — en dan de pannenkoeken tellen.

Groepen
groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5
Duur
15 min
Leerlingen
4–16
Ruimte
Buiten

Bron: Inspiratieboek Buitenspelen — ALO Amsterdam en Jantje Beton

Zo zet je het plein neer

Schoolplein · 24 × 16 m · 7 onderdelen

De hele groep zingt mee
Het spel

Hoe werkt het?

Twee kinderen draaien een lang touw, één springt erin, en de hele groep zingt: "Beertje Beertje, draai je eens om — Beertje Beertje, raak de grond." Elke regel is een opdracht die je springend uitvoert. Aan het eind komt de vraag "hoeveel pannenkoeken lust jij dan?" en dan telt de groep door — één, twee, drie — tot je het touw raakt. Zoveel pannenkoeken heb je gegeten, en dat getal is je score.

Voorbereiding

Zo zet je het klaar

  1. 1Twee kinderen draaien het touw rustig en gelijkmatig; de rest staat in een rij.
  2. 2De springer stapt in en springt mee op het ritme.
  3. 3De groep zingt: "Beertje Beertje, draai je eens om · Beertje Beertje, raak de grond · Beertje Beertje, was je handjes · Beertje Beertje, poets je tandjes · Beertje Beertje, pluim op je hoed · Beertje Beertje staat je goed."
  4. 4Bij elke regel doe je de beweging erbij, terwijl je blijft springen.
  5. 5Dan vraagt de groep: "Hoeveel pannenkoeken lust jij dan?" en telt door: één, twee, drie…
  6. 6Bij het getal waarbij je het touw raakt, stop je. Zoveel pannenkoeken heb je op. Daarna is de volgende aan de beurt.

Klaarzetten

0/1

Organisatietip

Vier tot zes kinderen per touw. Het zingen doet de hele groep — dat houdt de wachtenden erbij en het bepaalt het tempo van het draaien vanzelf.

Bijstellen

Makkelijker of moeilijker maken

Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.

Makkelijker: alleen tellen

Laat het rijmpje weg en tel meteen de pannenkoeken. Springen op het ritme is voor groep 1-2 al genoeg; de opdrachten erbij is te veel tegelijk.

Moeilijker: met z'n tweeën

Twee springers tegelijk die dezelfde opdrachten doen. Ze moeten op dezelfde slag springen én tegelijk bukken.

Zelf een rijmpje maken

Laat de klas een eigen versje met vier opdrachten bedenken. Dat is een taalles die niemand als een taalles ervaart.

Leerlijn

Waar deze les in de lijn past

Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 2 · groep 3-5.

Stoeispelen

Hele lijn

Duwen of trekken aan een tegenstander om deze uit balans te brengen terwijl deze probeert deze balansverstoring te voorkomen

  • uit balans brengen van een tegenspeler enbalansverstoring voorkomen bij stoeispelen waarin meerdere voorwerpen (naar keuze) worden afgepakt
  • uit balans brengen van een tegenspeler enbalansverstoring voorkomen bij duwen en trekken

Springen

Hele lijn

Vrij springen

Afzetten om lang in de lucht te zweven

  • diepspringen met aanloop
  • minitrampspringen met verhoogde aanloop

Steunspringen

Afzetten om lang te zweven voor en/of na de handenplaatsing op een steunvlak

  • wendsprong met springplank
  • rollen op verhoogd vlak met springplank
  • hurksprongmaken metafzet vanaf de grond
  • radslagmakenuit stand

Mikken

Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen

  • mikken op een hooggeplaatstdoel
  • schoppen met een bal tegen een mikdoel
  • bal in vlak mikdoelrollen

Wegspelen

Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen

  • verwerpen via de muur
  • slaan met slagvoorwerp

Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.

Waar werk je aan

  • Ritme
  • Springen
  • Meerdere dingen tegelijk
  • Samen zingen

Waar je op let

Houd twee meter vrij rond de draaiers. Bij "raak de grond" bukt de springer met het touw boven zich; laat de draaiers dan iets hoger draaien.

Gouden Weken & Groepsvorming

Zet dit spel in voor groepsvorming en sociale veiligheid

Deze beweegactiviteit versterkt onderling vertrouwen, communicatie en samenwerking. Bekijk de didactische leerkrachttips, klassengesprekken en Tuckman-fasen op GoudenWeken.app.

Bekijk op GoudenWeken.app

Reviews van leerkrachten

Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen

Niet ingelogd?

Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.

Log in met een schoolmailadres

Reviews laden…

Past dit net niet?

Lessen die hierop lijken

Buitenspel

Blindemannetje

Eén kind met een blinddoek in het midden van de kring. De rest moet stil zijn — en dat lukt niet.

Bron: Traditioneel straat- en pleinspel

groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5 10 min Buiten
Buitenspel

Botsautootjes

Iedereen is een botsauto. 'Boem' is stoppen, 'au' is meteen stil — en dat spreek je vooraf af.

Bron: Potje buitenspelen — Kenniscentrum Sport & Bewegen en VeiligheidNL

Zonder materiaal
groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5 10 min Buiten
Buitenspel

De smalle brug

Eén krijtlijn is de brug. Twee kinderen lopen van weerskanten en één van jullie moet eraf.

Bron: Traditioneel straat- en pleinspel

groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5, groep 6 10 min Buiten