Blindemannetje
Eén kind met een blinddoek in het midden van de kring. De rest moet stil zijn — en dat lukt niet.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Springen in het grote touw terwijl de klas het rijmpje zingt — en dan de pannenkoeken tellen.
Bron: Inspiratieboek Buitenspelen — ALO Amsterdam en Jantje Beton
Schoolplein · 24 × 16 m · 7 onderdelen
Twee kinderen draaien een lang touw, één springt erin, en de hele groep zingt: "Beertje Beertje, draai je eens om — Beertje Beertje, raak de grond." Elke regel is een opdracht die je springend uitvoert. Aan het eind komt de vraag "hoeveel pannenkoeken lust jij dan?" en dan telt de groep door — één, twee, drie — tot je het touw raakt. Zoveel pannenkoeken heb je gegeten, en dat getal is je score.
Vier tot zes kinderen per touw. Het zingen doet de hele groep — dat houdt de wachtenden erbij en het bepaalt het tempo van het draaien vanzelf.
Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.
Laat het rijmpje weg en tel meteen de pannenkoeken. Springen op het ritme is voor groep 1-2 al genoeg; de opdrachten erbij is te veel tegelijk.
Twee springers tegelijk die dezelfde opdrachten doen. Ze moeten op dezelfde slag springen én tegelijk bukken.
Laat de klas een eigen versje met vier opdrachten bedenken. Dat is een taalles die niemand als een taalles ervaart.
Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 2 · groep 3-5.
Duwen of trekken aan een tegenstander om deze uit balans te brengen terwijl deze probeert deze balansverstoring te voorkomen
Vrij springen
Afzetten om lang in de lucht te zweven
Steunspringen
Afzetten om lang te zweven voor en/of na de handenplaatsing op een steunvlak
Mikken
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen
Wegspelen
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen
Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.
Houd twee meter vrij rond de draaiers. Bij "raak de grond" bukt de springer met het touw boven zich; laat de draaiers dan iets hoger draaien.
Deze beweegactiviteit versterkt onderling vertrouwen, communicatie en samenwerking. Bekijk de didactische leerkrachttips, klassengesprekken en Tuckman-fasen op GoudenWeken.app.
Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen
Niet ingelogd?
Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.
Reviews laden…
Eén kind met een blinddoek in het midden van de kring. De rest moet stil zijn — en dat lukt niet.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel
Iedereen is een botsauto. 'Boem' is stoppen, 'au' is meteen stil — en dat spreek je vooraf af.
Bron: Potje buitenspelen — Kenniscentrum Sport & Bewegen en VeiligheidNL
Zonder materiaalEén krijtlijn is de brug. Twee kinderen lopen van weerskanten en één van jullie moet eraf.
Bron: Traditioneel straat- en pleinspel