Direct naar de inhoud
Buitenspel

Koninklijk tikkertje

De koning draagt een kroon, en iedereen wil hem hebben. Tikkertje andersom.

Groepen
groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5, groep 6
Duur
15 min
Leerlingen
3–30
Ruimte
Buiten

Bron: Jantje Beton

Zo zet je het plein neer

Schoolplein · 24 × 16 m · 9 onderdelen

Het spel

Hoe werkt het?

Bij gewoon tikkertje ren je wég van de tikker; hier rent iedereen ernaartoe. Eén kind is koning en draagt iets zichtbaars — een kroon, een pet, een lintje. De rest probeert de koning te tikken. Wie dat lukt, krijgt de kroon en is de nieuwe koning. Doordat je van een afstand ziet wie het is, hoeft niemand te vragen wie 'm is, en dat is precies waarom dit spel op een vol plein werkt waar gewoon tikkertje in de war raakt.

Voorbereiding

Zo zet je het klaar

  1. 1Spreek het speelgebied af en wijs het aan.
  2. 2Kies een koning. Die zet de kroon op — of een pet, of knoopt een lintje om zijn arm.
  3. 3De koning krijgt vijf tellen voorsprong.
  4. 4Daarna probeert iedereen de koning te tikken.
  5. 5Wie de koning tikt, krijgt de kroon en is de nieuwe koning. Die krijgt weer vijf tellen.
  6. 6Speel door zolang je wilt; er valt niemand af.

Klaarzetten

0/1

Organisatietip

Dit spel heeft geen leider nodig, alleen een kroon. Maak er desnoods een van een stuk karton — dat maken hoort erbij en kost tien minuten die je terugkrijgt.

Bijstellen

Makkelijker of moeilijker maken

Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.

Twee koningen

Bij meer dan twintig kinderen twee kronen. Dan hoeft niet de halve klas achter één kind aan en zijn er twee achtervolgingen tegelijk.

Met een buiging

Wie de kroon net gekregen heeft, moet eerst een koninklijke buiging maken voordat hij weg mag rennen. Dat geeft de rest een eerlijke kans en het is grappiger dan het klinkt.

Rustiger: lopen mag alleen

Niemand mag rennen, alleen snelwandelen. Dat verandert het spel van snelheid in slimheid — en het maakt het speelbaar op een klein of vol plein.

Leerlijn

Waar deze les in de lijn past

Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 3 · groep 6-8.

Tikspelen

Hele lijn

Tikspelen

Een loper bedreigen door deze te willen tikken, terwijl de loper probeert het tikken te voorkomen

  • combinatie van wegloop-en overloopspelen
  • overloopspelen met duolopers
  • kriskrasspelen met functiewisselingen

Afgooispelen

Bedreigen van een loper door deze af te willen gooien, terwijl de loper probeert het afgooien te voorkomen

  • afgooien envoorkomen afgegooid te worden bij trefbal met meer scoringsmogelijkheden
  • afgooien envoorkomen afgegooid te worden bij jagerbal met bevrijden en schuilen

Mikken

Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen

  • mikken op een hoger geplaatst doel
  • mikken op doel in wedstrijdverband
  • met passende vaart gericht gooien met een kleine bal
  • slaan met stick in een mikdoel

Wegspelen

Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen

  • afstand werpen
  • slaan van aangegooide bal

Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.

Waar werk je aan

  • Sprinten
  • Uitwijken
  • Wisselen van rol
  • Iets zichtbaars volgen

Waar je op let

Een kind waar de halve groep achteraan zit, wordt gemakkelijk omvergelopen. Spreek af dat je tikt met een tik op de rug of de schouder en dat je niet aan de kroon trekt: die geef je zelf af.

Reviews van leerkrachten

Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen

Niet ingelogd?

Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.

Log in met een schoolmailadres

Reviews laden…

Past dit net niet?

Lessen die hierop lijken

Buitenspel

Overlopertje

Eén tikker in het midden en dertig kinderen die tegelijk naar de overkant moeten. Elke ronde wordt het moeilijker.

Bron: Traditioneel straat- en pleinspel

groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5, groep 6, groep 7, groep 8 15 min Buiten
Buitenspel

Schipper mag ik overvaren

De schipper bepaalt hóé je oversteekt. En als hij zegt dat het niet mag, moet je er toch langs.

Bron: Traditioneel straat- en pleinspel

groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5, groep 6 15 min Buiten
Buitenspel

Tikkertje hoog

Op de grond ben je te tikken, op iets hoogs niet. Maar blijven staan mag niet.

Bron: Traditioneel straat- en pleinspel

Zonder materiaal
groep 1-2, groep 3, groep 4, groep 5, groep 6 15 min Buiten